Jongdierendag


26 augustus 2017


Zeg maar eens dat kleindierenfokkers geen volhouders zijn. Zij zijn voor geen kleintje vervaard. Vogelgriep en RHD2 zijn zaken die afgelopen seizoen ons -weer- parten hebben gespeeld. En toch, als het nieuwe seizoen weer te beginnen staat, dan staan we er allemaal toch weer. We klagen ach en wee,  betalen soms met tegenzin de kosten vanwege verplichte entingen, maar toch zijn we er weer op de laatste zaterdag van augustus. 


Pluim


Wil ik toch even een pluim uitdelen aan hen die dit mogelijk maken. Bestuursleden en leden van zowel VPKV Vlaardingen als KDV Westland die op zaterdagochtenden of andere dagen beschikbaar zijn om uw konijnen te voorzien van oornummers, de mensen die rondrijden om uw hoenders -en aanverwant- te voorzien van de NCD druppelenting tegen de pseudovogelpest, de mensen ook die zorgen dat we er vandaag weer konden zijn, de opbouwers, afbrekers -in de goed zin van het woord-, secretarissen die voorbereidingen troffen en keurmeesters contacten en contracteerden.


Natuurlijk, ook voor hen is het liefhebberij. Maar lang niet altijd zijn we er ons van bewust. Ook belangrijk zijn de mensen die ons het eerste kopje koffie van deze zaterdagochtend als start van het showseizoen inschenken. Van de Ploeg en Schretzmeijer zijn de visitekaartjes hierin bij beide verenigingen. Allemaal belangeloos. Denk daar eens aan als u het ergens misschien niet mee eens bent, en op het punt staat om te gaan klagen. Niet doen. Enfin, dat gezegd -geschreven- hebbende staat zo’n showtje met de inzenders. Of meer nog de ingezondenen.


 


Keuring van de jonge dieren


De dieren zelf hadden denk ik gewoon net zo lief thuis gebleven, als het aan hen had gelegen.


En soms klopte dat wel zo leek het. Zo’n eerste keer maakte het klaarblijkelijk voor sierduiven nog wat moeilijk. Erg onrustig las ik een paar keer op de kaarten bij deze diergroep. Wij fokkers hebben bedacht dat ze op een dag als vandaag gezellig samenzijn. En ook wel om de keurmeesters van dienst ook een pleziertje te gunnen om deze fraaie -een enkel O-tje daargelaten- dieren te mogen keuren.


Want die de in smetteloos wit gehulde mannen en vrouw zijn er ook omdat het ook mensen zijn met hún liefhebberij. Omdat het mensenwerk is, kan het wel eens gebeuren dat er een miniem foutje wordt gemaakt.


 


De eerste show


Laten we de oorsprong van de jongdierendag echter niet vergeten. Het is in feite ooit lang geleden bedoeld als een hulpmiddel voor fokkers om opmerkzaam te zijn op de zaken die jonge dieren en hun fokkers in ontwikkeling meemaken. Toen lang geleden dus gebeurde dat vaak nog gezeten op een baal stro, en werd er zo’n dier vanuit de kist gekeurd. Die tijd is geweest, en we zijn het steeds meer gaan zien als een show.


De eerste show van het seizoen. Met voor de een een andere invalshoek dan de ander. Sommigen nemen slechts de allerbeste mee, en sommigen willen ons laten genieten van alles wat ze letterlijk in huis hebben. Het kan allemaal. Wie betaalt, bepaalt.


Probeer zo nu en dan het geheel toch ook een beetje te relativeren en zo’n dag in eerste instantie gewoon een leuk evenement te laten zijn. En het aldus te laten beleven. En ik denk dat we daar met zijn allen weer in zijn geslaagd.


 


Vorig jaar kwam ik met één cavia.


Waar vind je een hele dag vertier voor anderhalve euro, meldde toen een van de dienstdoende secretarissen mij. En zo is het.


We gaan van acquit om er een andere sportterm aan te halen. Iets minder dieren dan vorig jaar, zo’n 10 procent. Daar zullen zeer beslist toch ook de ontwikkelingen aangaande de vogelgriep van afgelopen winter en de aanhoudende uitbraken van RHD2 bij de konijnen aan ten grondslag liggen. Ook zijn er fokkers die in wat mindere conditie of omstandigheden verkeren om überhaupt in te kunnen zenden.


Een ander kiest ervoor om in deze tijd waar het wemelt van jongdierendagen en speciaalclubevenementen om daar naar toe te gaan. Je kunt je niet opsplitsen.  


Hoe dan ook, het zijn er altijd nog meer dan zat om het keurkorps én ons te entertainen.


De witjassen van dienst eerst maar eens benoemen.


 


De keurmeesters


Voor de konijnen Arie Tieleman, Jorn Westerlaken, Klaas Cats, Ilse Hollander v.d. Kamp.


Welke laatste naast wat konijnen ook de cavia’s voor haar rekening nam.


Het gekraai en gekakel van de grote hoenders kwam voor rekening van Wim Oliehoek.


De iets kleinere varianten nam Mario Griekspoor voor zijn rekening.


En de sierduiven werden door onze clubgenoot Dirk de Zeeuw aan de tand, nee snavels.


De Mokee’s waren voor rekening van Remco de Wit. Net zoals de Kleurpostduiven, Engelse en Duitse Modena’s, Oud Hollandse Meeuwen en de King duiven. Prachtige dieren, die niet voor niets onder kipduiven vallen. Ze vliegen nauwelijks en kunnen tussen de kippen gehouden worden bij wijze van spreken.


 


Konijnen


We beginnen zoals te doen gebruikelijk vooraan. Slechts één Vlaam en één inzender minder in dit ras in vergelijk met de versie van vorig jaar. Eén Groot Lotharinger minder ook, wel beide inzenders waren weer trouw aanwezig. De Belgische Hazen in tan (zwart) zagen we vorig jaar niet, in voorgaande jaren wel, van de familie van Gameren. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Beide broers vielen in de prijzen. Want die jeugd wordt altijd bij onze beider verenigingen gekoesterd en extra van prijzen voorzien. 

Voorzitter van het Westland Anton van de Kaaij had niet alleen de fraaiste Wener. Want dat was redelijk voorspelbaar, het was uiteindelijk ook de mooiste overall.


De Witte Weners waren helaas absent. Minder Rode Nieuwzeelanders van Frans van de Wel, maar wel weer iets meer Thriantha’s ten opzichte van de vorige JDD. De Duitse Hangoren zijn aan een opmars bezig. Waren het er vorig jaar al veel, nu waren ze met nóg meer. Inzender Chris Mooij doet daar ook de Nederlandse Hangoren als kleinere broertje nog bij. Ze waren echter niet altijd per definitie het kleinere broertje. Soms waren ze wat aan de grove kant helaas. Voor de rest werden hier wat inzenders en dus hangoortjes gemist. Vergeet echter niet dat op deze dag ook altijd de fokkersdag van de speciaalclub wordt gehouden in Veenendaal. Ook gemist hebben we de Rexen. Waren er vorig jaar nog Rexdwergen, nu zagen we de dieren van Gerard Dekker niet terug. Wel zagen we gelukkig in de loop van de dag Gerard toch nog even tussen de kooien.


Geen Polen ook, niet in roodoog en niet in blauwoog. Wel de Kleurdwergen (in verzilverde uitvoeringen) van de familie van de Marel. En eentje van Mart van de Kooij, in de Hotôttekening. Begonnen we gang langs de kooien met een biljartterm, de kleur ivoor bij de Satijnen dient te zijn zoals de gelijknamig gekleurde witte ballen in dit spel. Zo werd dat vroeger althans benoemd. De huidige Standaard wil echter geen vergelijkingen meer aangaan zoals in den oudheid.


Havanna De kleur van bittere chocolade was voorheen de aanduiding voor een Havanna. Bovendien noemen we dat tegenwoordig puur. De kleur van een Gouwenaar was als een dikke rookwolk van sigaar of sigaret. Ik citeer even uit de Standaard van 1 maart 1944 welke de kleur van de Van Beveren weergeeft als zijnde die der vergeet-me-nietjes.


Klein Lotharingers zijn er gelukkig nog wel, zij het wel in iets mindere mate vergeleken met terug toen het Westland een waar Klein Lotharinger bastion was. Van dezelfde reeds genoemde inzender de Klein Zilvers, samen met die van die van Jan Ham en ega. De licht konijngrijzen zijn en blijven mijn persoonlijke favoriet, waarbij ik me nauwelijks kan bedwingen om ze in te blazen in het voorbijlopen. Herinneringen aan toverballen uit de snoepwinkel van vroeger kwamen opborrelen. Ook een telg van Vermeegen die in midden-zwart mee deed. De Tans van twee inzenders, terwijl beide verenigingen meer fokkers hebben bij mijn weten. Van Combinatie Chaborus zagen we de van hen bekende Russen.


De Chabo’s waren nog te jong en zouden -bij navraag- zijn ontsnapt tussen de spijlen van de tt-kooien, bij wijze van spreken.


Cavia’s


Het aantal van vorig jaar bij de cavia’s evenenaren was nagenoeg onmogelijk. 46 stuks waren er toen, maar met toch nog altijd 18 dieren een meer dan respectabel aantal, waar de enige dame dit keer in het keurkorps zich mee mocht verblijden. Ik had er zelf twee keer zoveel mee dan vorig jaar, wel twee. De rest kwam deze keer van één andere inzender, de familie Rozemeijer. In de haarvariëteit normaalhaar wat we vaak toch hardnekkig gladhaar blijven noemen, waren er behoorlijk wat inzendingen. Vier kleurslagen in viertallen aanwezig, bijna op zijn Duits zeg maar. Dat is leuk vergelijken, ook al zijn het soms verschillende leeftijdsklassen.  


Dat is -denk ik toch- voor een keurmeester ook wel leuk. Net zoals voor fokkers en publiek. Het duurt altijd eventjes voordat ze zich echt laten zien, want deze diergroep is nogal op zichzelf, en laat zich niet meteen zien. Ilse Hollander was de enige vrouwelijke keurmeester dit keer. Nadat we nu al heel wat jaartjes op rij de dames her en der aan het werk zagen in de diergroepen. Goud-agouti, zwart, buff, crème en wit roodoog passeerden voor haar de revue.


Van de haren naar de veren: kippen


Van de haren naar de veren is slechts een kleine stap. We behandelen ze daarbij altijd van groot naar klein, althans eerst de grote hoenders en daarna de dwerghoenders. Die u wat mij betreft gerust mag uitschelden voor krielen. Overigens niet helemaal van groot naar steeds iets minder groot. Want de rijen werden dit keer gesloten door de gigantische afmetingen van de Brahma’s ingestuurd door trouwe inzender Dirk van den Bosch. De raddraaier van dienst ook. De volgorde wordt doorgaans bepaald door de Standaard, die de oorsprong van de rassen daarbij als leidraad neemt. Dirk had een primeur, hij had ook een jonge Marchenero Kropper ingestuurd bij de andere verendiergroep. Veelzijdige sportfokkers, daar wemelt het van in onze regio zowel bij KDV Westland en VPKV Vlaardingen. Dat samenwerking loont, lieten beide verenigingen nu weer zien. Het in één bond samengaan nog van KLN en NBS zou de gewenste volgende stap kunnen zijn. Maar als schijnt niet bedriegt zal dat nog wel een poosje duren. Ik zou bijna een pleidooi willen houden ten aanzien van bondsbestuurders om over eigen trots heen te stappen in dit kader. Richting overheid en dergelijke maakt dat een nog professionelere indruk.


Kippenrassen


Door… Kraaikoppen zijn altijd een wat nerveus ras, en zeker op zo’n eerste showgelegenheid moeten de dieren nog wel even wennen. Dat viel deze keer mee, ondanks hun kopversierselen die er wel debet aan zullen zijn. Het zou er maar eentje zijn, de Groninger Meeuw. Maar even verderop zat er nog een, klaarblijkelijk als vervanger van het Voorwerkhoen ( heeft de aanval van een vos niet overleeft) in kooi 153. Lakenvelders ook weer aanwezig. We hebben het over de hoenders, niet de koeien van gelijknamig ras. De inzender van de Groninger Meeuwen nam ook een altijd prachtige vuurrode Welsumer mee. Dat deed Anton van de Kaaij ook. Mooi rood is niet lelijk. Een tintje lichter en ook kleiner -heter gewassen misschien- waren de zalmkleurige Faverolle krielhennen met toefjes even verderop van fokker Boender. Maar de hanen van deze fokker in de grote uitvoering waren zeker zo kleurig en fleurig. Orpingtons zijn altijd wat plomp en fors ogende dieren met een wat korter type, de Leghorn is daarentegen weer wat langer van lijf. De kleur was bij beide buff. Kort door de bocht zou je het als oranje kunnen benoemen. En samen met de Rode Nieuwzeelanders, Thrianta, de buff cavia’s en deze net genoemde hoenderrassen zouden we ze kunnen zien als een ode aan het Nederlands vrouwen voetbalelftal. De Europese kampioenen met ook wel een beetje Westlandse roots. Ook mooi rood waren de roodbruine New Hampshire. Voor de reeds genoemde hekkensluiters zaten nog enkele zwarte en een blauwe Australorp.


Hollandse Kriel


Van daaruit even door naar de oorspronkelijk krielen, de Hollandse Kriel. Want immers van veel rassen zijn verkleinde dwergrassen gefokt in de loop der kleindierengeschiedenis, maar sommige zijn klein van huis uit, en niet verkleind vanuit een groot ras. De eerste drie rassen hadden het woord Hollands als aanvangstitel. Kriel, Kuifhoenkriel en Hoenkriel was hun tweede naam. Twee waren er absent van die laatsten. Zoals gezegd aangegeven in onze nationale Standaard beginnen we met Nederlandse rassen. En zwaar terecht. We mogen er trots op zijn. De inzenders van deze rassen waren niet zuinig te noemen. Er ging menigeen in de kist mee naar de weer fijne hal van Beekenkamp waar we toch altijd weer te gast mogen zijn. Een woord van dank is op zijn plaats. Van Nederland naar België, want daar komt de Bassette en dus ook de Bassette kriel vandaan. Inzender van Dierendonck is ook een beetje Vlaamse klinkende naam en in feite een reserve-Belg. Samen met fokker Hans van der Lugt bracht hij ook de Wyandotte krielen in de kooien.


Het gevleugelde dierenras: duiven


Van de veren die doorgaans niet vliegen, of althans er niet voor zijn bedoeld, naar de meer gevleugelde varianten. Na de eerder genoemde Marchenero Kropper waren de Kleurpostduiven aan de beurt van Combinatie de Zeeuw. De ene helft van de Combinatie keurde andere rassen. Niet alleen van de Combinatie de Zeeuw, ook Rob van de Valk deed een duit in het zakje. Drie kleurslagen mooi in aantallen verdeeld. Dat maakt het vergelijken leuk, zoals we ook al meldden bij de cavia’s. Rob’s Kingduiven hebben we al eerder genoemd. Engelse en Duitse Modena’s van twee inzenders. De Modena’s komen als echte vliegers van oorsprong uit het Noord Italiaanse Modena. De toevoeging Duits en Engels geeft de stroming aan in ontwikkeling ook.  De Duitsers waren de eersten die er eind 19e eeuw mee aan de slag gingen. Op de voet gevolg door de Engelsen. Normaal willen we nogal eens de Duitsers duiden met Grösser und Besser, maar hier zijn het toch de Engelsen die hen de loef afsteken. In elk geval qau postuur. De prachtige Italiaanse keurbenamingen als schietti en gazzi moeten beslist blijven. De Schietti’s zijn helemaal gekleurd, de gazzi hebben een gekleurde kop, vleugels en staart. Ze waren er deze keer niet, en er zijn ook nog magnani’s. Een bont gezelschap van veelkleurigen zeg maar. 


Oud Hollands ras


Een zeer oud ras zijn ook de Oud Hollandse Meeuwen. Geelzilverschil geband waren het die fokker Frits Persoon in hoogst eigen persoon inzond. We hadden het al over Italië, maar nog niet over het mooi kittige kleine rasje de Italiaanse Meeuw. Yskleur zwartgeband, machtig mooi is mijn persoonlijke mening. Ik krijg het er koud van. Van dezelfde inzender ook Oud Duitse Meeuwen. Hyancintduiven van Westland’s secretaris Sjaak van der Salm. Oud-Spangense-Sparta-kapper Wim Schretzmeijer had duivenmanden vol met Portugeze Tuimelaars in eveneens mooi kleurbenamingen. Zwart, blauw en zwartbont is nog normaal, maar wat dacht u van geel en rood agaat. En dan hebben we het nog niet over Almond en Kite. Klinkt toch nog net even chiquer dan bijvoorbeeld amandel, toch?  Oosterse Roller van Mabelis in geel gingen hekkensluiter de Mokee’s vooraf. De eerste was A.O.C. All Other Colours. De duivenbond was hier de KLN al ver vooruit, waar het dit showen van niet erkende kleuren betreft. En misschien wel de toekomst van onze kleindierensport. Wat minder in een strak keurslijf.


Ik had er een interessant gesprek over met een van de kersverse leden van VPKV Vlaardingen. En wat ons betreft mag dat vrijblijvende wel blijven zoals de dag van vandaag was. Geen onvertogen woord, en louter plezier heb ik gezien.


Besturen en medewerkers, nogmaals bedankt.


Marco Verbaant